05 december 2018

Onderzoekers zetten belangrijke stap in erkenning ADHD

Er zijn twaalf genetische variaties gevonden die het risico op ADHD verhogen. Een internationaal team van het Psychiatric Genomics Consortium, onder wie onderzoekers van het Radboud UMC, publiceerden hierover in het blad Nature Genetics. Hoewel deze twaalf genen een bescheiden rol spelen in het ontstaan van ADHD, is deze studie een belangrijke stap in het begrijpen van de biologie van de aandoening.

Radboudumc.jpg

Veel psychiatrische aandoeningen hebben een genetische basis. Zo is bij ADHD het risico op de aandoening voor 75 procent erfelijk. Onderzoek naar de genetische basis van deze erfelijkheid leverde echter tot nu toe weinig resultaat op. Onderzoekers van het Psychiatric Genomics Consortium hebben nu de erfelijke variaties vergeleken in het complete DNA van 20.000 mensen met en 35.000 mensen zonder ADHD. Bij dit onderzoek heeft men op twaalf locaties van het DNA variaties gevonden, die een verhoogd risico geven op het krijgen van ADHD. Hoe meer van zulke genvariaties iemand heeft, des te hoger het risico om ADHD te ontwikkelen.

Volgens de onderzoekers is het belangrijk het onderzoek te vervolgen naar het vinden van de genetische oorzaak van psychiatrische aandoeningen. Vooral voor ADHD is vervolgonderzoek belangrijk, omdat er nog steeds mensen zijn die ADHD niet als een echte aandoening beschouwen. Het is dus van belang dat een genetische oorzaak en biologische mechanismen achter ADHD duidelijker worden.

Bron: Radboud umc