03 juli 2018

Mensen met een visuele beperking noemen mogelijkheden om participatie te vergroten

Ongeveer 60 procent van de mensen met een visuele beperking is tevreden over hoe ze kunnen meedoen aan de samenleving. Wel zijn er nog veel verbeteringen mogelijk. Dit blijkt uit het onderzoek ‘Zien en gezien worden’ dat het Nivel in opdracht van Bartiméus uitvoerde onder mensen met een visuele beperking.

70 procent van de mensen met een visuele beperking heeft moeite met reizen en zich verplaatsen, bijvoorbeeld reizen met het openbaar vervoer of zich verplaatsen in onbekende gebouwen. 52 Procent worstelt op het gebied van gevoelens, tijd en energie. 41 procent ervaart problemen met opleiding, werk en geld. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het volgen van een cursus, solliciteren en het uitvoeren van taken op het werk. Het best gaat het op de gebieden huishouden, vrijetijdsbesteding en zelfverzorging. Met het huishouden heeft 32 procent moeite, met vrijetijdsbesteding 16 procent en met zelfverzorging 10 procent. Oplossingen die het meest genoemd worden, zijn de ontwikkeling van een hulpmiddel (bijvoorbeeld om de post te kunnen lezen), een verandering in de houding van de maatschappij (bijvoorbeeld meer begrip vanuit de omgeving) en ondersteuning door een naaste (bijvoorbeeld bij het reizen met het openbaar vervoer).

Participatie
Ook mensen met een visuele beperking vinden het belangrijk om te kunnen blijven meedoen in de samenleving. Als dat niet lukt, lopen zij het risico om eenzaam te worden en dat is een groot maatschappelijk probleem. Het onderzoek laat zien dat er oplossingen mogelijk zijn, maar dat vraagt investeringen en aandacht. De onderzoeksresultaten laten tevens zien, dat er bij het ontwikkelen van oplossingen rekening moet worden gehouden met verschillen in de behoefte aan participatie van jongeren en ouderen met een visuele beperking.

Bron: Nivel

Helpende Handen organiseert regelmatig bijeenkomsten voor volwassenen met een visuele beperking of voor ouders van kinderen met een visuele beperking.